Regenboog Bijbel Vertaling


RBVI

Uitleg


hoofdstuk
1   2   3   4   5   6   7   8   9   10   11   12   13   14   15   16   17   18   19   20   21   22   23   24   25   26   27   28   

vers
1   2   3   4   5   6   7   8   9   10   11   12   13   14   15   16   17   18   19   20   21   22   23   24   25   26   27   28   29   30   
31   32   33   34   35   36   37   38   39   40   41   42   43   44   45   46   47   48   49   50   51   52   53   54   55   56   57   58   59   60   61   
62   63   64   65   66   

HSV
(TR)
Toen werden met Hem twee misdadigers gekruisigd, een aan [Zijn] rechter-, en een aan [Zijn] linker[zijde].
NBV
(NA27)
Daarna werden er naast hem twee misdadigers gekruisigd, de een rechts van hem, de ander links.
NBG51
(N(A))
Toen werden met Hem twee rovers gekruisigd, één aan zijn rechterzijde en één aan zijn linkerzijde.
NW
(WH)
Toen werden er met hem twee rovers aan palen gehangen, één aan zijn rechter- en één aan zijn linkerzijde.
RBV
(BZ+)
Toen werden er met Hem twee rovers aan palen gehangen, één aan [Zijn] rechter[zijde], en één aan [Zijn] linker[zijde].
RBVI
(BZ+)
toen    werden er aan palen gehangen    met    Hem    twee    rovers    één    aan    rechter    en    één    aan    linker  


toen  
 
τοτε
tote
G5119..
gebruikte vertalingentoen(57), dan(33), dat moment(3), -(2), op dat moment(1)

toen..
G5119toen
dan, (op) dat moment

ADV
bw..
woordvormbijwoord

toen..
gebruikte vertalingentoen(57), dan(33), dat moment(3), -(2), op dat moment(1)
werden er aan palen gehangen  
 
σταυρουνται
staurountai
G4717..
gebruikte vertalingenhang aan een paal(4), aan een paal te hangen(2), zij aan een paal hadden gehangen(2), aan een paal gehangen te worden(2), aan een paal werd gehangen(2), zij hingen aan een paal(1), hingen zij aan palen(1), aan paal gehangen te worden(1), jullie zullen aan een paal hangen(1), om te worden gehangen aan paal(1), werden er aan palen gehangen(1)
 G5743..
gebruikte vertalingenwordt overgeleverd(5), gedoopt ben(4), wordt achterlaten(3), wordt uitgedooft(2), kwamen bijeen(2), geworpen(2), wordt omgehakt(2), stroomt er uit(2), wordt meegenomen(2), word Ik opgewekt(1), werden er aan palen gehangen(1), overgeleverd wordt(1), zijn aan het uitgaan(1), wordt gezaaid(1), wordt {uitgeput}(1), zij worden opgewekt(1), dwalen(1), Hij werd gelegd(1), zij worden uitgehuwelijkt(1), jullie dwalen(1), maken jullie tumult(1), wordt uitgedoofd(1), struikelen zij(1), worden zij uitgehuwelijkt(1), goed nieuws verkondigd(1), wordt er krachtig aangedrongen(1), wordt verwoest(1), worden opgewekt(1), worden rein gemaakt(1), scheuren(1), blijven behouden(1), worden verkocht(1), wordt gekend(1), wordt vervuld(1), baat het(1), geboren was(1), hangt(1), wordt geworpen(1), wordt genoemd(1), struikelt hij(1), verzameld wordt(1), wordt verbrand(1), schijnen(1)

palidiseren..
G4717palidiseren
palen in de grond drijven, aan een paal hangen

V-PPI-3P
mv ww pas..
woordvormmeervoud
werkwoord
passief

(ZIJ) ..
gebruikte vertalingen
met  
 
συν
sun
G4862..
gebruikte vertalingenmet(8)

met..
G4862met
samen*

PREP
vz..
woordvormvoorzetsel

met..
gebruikte vertalingenmet(8)
Hem  
 
αυτω
autò
G846..
gebruikte vertalingenHem(329), van hem(176), van Hem(167), hem(167), tot hen(147), hen(136), van hun(97), tot Hem(62), Hij(48), zij(42), haar(38), tot hem(38), hun(34), het(33), van haar(28), er(20), hij(19), Hem toe(17), voor hen(13), ze(13), aan hen(11), die(11), van hen(10), deze(9), van HEM(8), -(7), aan Hem(7), voor Hem(6), diens(6), bij Hem(6), daar(5), aan hem(5), aan haar(5), zelf(5), voor hem(5), zelfde(5), met Hem(4), {het}(4), tot haar(4), HEM(3), naar Hem(3), {hem}(3), van {hem}(3), Die(2), over Hem(2), met hem(2), tot deze(2), {eraan}(2), {dit}(1), {haar}(1), hetzelfde(1), dat(1), u(1), zijn(1), erop(1), HIJ(1), aan(1), {van} hen(1), aan hun(1), {met} hun(1), tegen hem(1), van deze(1), to haar(1), ervan(1), ZELF(1), door hen(1), hem toe(1), dan hij(1), voor HEM(1), Het(1), dan deze(1), met het(1), hen aan(1), er om(1), met hen(1), {ervoor}(1), er tegen(1), op hen(1), {naar} hen(1), bij hem(1), {Zich}(1)

hem..
G846hem
(van, tot, aan) hem, haar, het, zich, zelf, deze, die, dat, daar

P-DSM
m ev pn dat..
woordvormmannelijk
enkelvoud
persoonlijk-voornaamwoord
datief

(tot) hem..
gebruikte vertalingenHem(101), tot Hem(62), hem(45), tot hem(38), Hem toe(17), Hij(6), bij Hem(6), aan Hem(5), aan hem(5), met Hem(4), voor hem(4), voor Hem(4), met hem(2), hij(2), er(2), naar Hem(2), tegen hem(1), erop(1), hem toe(1), bij hem(1), daar(1), er om(1), voor HEM(1)
twee  
 
δυο
duo
G1417..
gebruikte vertalingentwee(57), tweeën(2), aan twee(1)

twee..
G1417twee

A-NUI
bn nom..
woordvormbijvoegelijk-naamwoord
nominatief

twee..
gebruikte vertalingentwee(55), tweeën(2)
rovers  
 
λησται
lèstai
G3027..
gebruikte vertalingenrovers(3), een rover(2), van rovers(2)

rover..
G3027rover

N-NPM
m mv zn nom..
woordvormmannelijk
meervoud
zelfstandig-naamwoord
nominatief

rovers..
gebruikte vertalingen
één  
 
εις
eis
G1520..
gebruikte vertalingenéén(102), ÉÉN(3), éne(2), {eerste}(2), -(1), tot één(1)

één..
G1520één

A-NSM
m ev bn nom..
woordvormmannelijk
enkelvoud
bijvoegelijk-naamwoord
nominatief

één..
gebruikte vertalingenéén(38), ÉÉN(3), -(1)
aan  
 
εκ
ek
G1537..
gebruikte vertalingenuit(60), van(37), aan(20), vanuit(11), -(5), bij(5), voor(3), vanaf(3), door(3), naar(2)

uit..
G1537uit
van, naar, aan, bij, door, voor, vanuit, vanaf

PREP
vz..
woordvormvoorzetsel

uit..
gebruikte vertalingenuit(46), van(15), aan(13), bij(4), vanaf(3), vanuit(3), voor(3), -(2), naar(2), door(2)
rechter  
 
δεξιων
dexiòn
G1188..
gebruikte vertalingenrechter(18), rechts(1)

rechter..
G1188rechter
rechts, rechter[zijde], rechter[hand]

A-GPM
m mv bn gen..
woordvormmannelijk
meervoud
bijvoegelijk-naamwoord
genetief

(van) rechter(hand)..
gebruikte vertalingenrechter(13)
en  
 
και
kai
G2532..
gebruikte vertalingenen(2176), ook(98), nu(30), {maar}(12), dan(8), én(6), -(6), {toen}(5), zelfs(5), {toch}(4), {met}(1), {als}(1)

en..
G2532en
ook, nu, dan, -, zelfs, {maar}, {toen}, {toch}, {met}, {als}

CONJ
vw-s..
woordvormvoegwoord-samenvoeging

en..
gebruikte vertalingenen(2176), ook(98), nu(30), {maar}(12), dan(8), én(6), -(6), {toen}(5), zelfs(5), {toch}(4), {met}(1), {als}(1)
één  
 
εις
eis
G1520..
gebruikte vertalingenéén(102), ÉÉN(3), éne(2), {eerste}(2), -(1), tot één(1)

één..
G1520één

A-NSM
m ev bn nom..
woordvormmannelijk
enkelvoud
bijvoegelijk-naamwoord
nominatief

één..
gebruikte vertalingenéén(38), ÉÉN(3), -(1)
aan  
 
εξ
ex
G1537..
gebruikte vertalingenuit(60), van(37), aan(20), vanuit(11), -(5), bij(5), voor(3), vanaf(3), door(3), naar(2)

uit..
G1537uit
van, naar, aan, bij, door, voor, vanuit, vanaf

PREP
vz..
woordvormvoorzetsel

van..
gebruikte vertalingenvan(22), uit(14), vanuit(8), aan(7), -(3), bij(1), door(1)
linker  
 
ευωνυμων
euònumòn
G2176..
gebruikte vertalingenlinker(8)

linker..
G2176linker
links, linker[zijde], linker[hand]

A-GPM
m mv bn gen..
woordvormmannelijk
meervoud
bijvoegelijk-naamwoord
genetief

(van) links..
gebruikte vertalingenlinker(8)


Afwijkingen
Er zijn geen afwijkingen in dit vers.

Basisteksten
BZByzantijnse/meerderheidstekst (2000)
NA27Tekst van Nestle-Aland (1993)
TRTextus Receptus (1896)
WHTekst van Westcott-Hort (1881)